V-raad mag Darfur niet aan lot overlaten
V-raad mag Darfur niet aan lot overlaten
Sudan’s Imperilled Transition: Policy Recommendations for the U.S.
Sudan’s Imperilled Transition: Policy Recommendations for the U.S.
Op-Ed / Africa

V-raad mag Darfur niet aan lot overlaten

Het tekenen van een vredesakkoord tussen de strijdende partijen in een verwaarloosd conflict is vaak het voorteken van een kort spasma aan aandacht van wereldleiders en media om vervolgens over te gaan naar het volgende verhaal. Dergelijk patroon moet gebroken worden in Soedan, waar na het recente vredesakkoord de wereld nu juist meer, en niet minder, aandacht moet besteden aan de situatie in dit grootste land van Afrika.

Sinds februari 2003 hebben gewapende aanvallen en de systematische vernieling van dorpen door Djandjaweed milities, gesteund door de regering in Khartoem, het leven gekost aan ca 30.000 mensen en velen anderen op de vlucht gedreven in de westerse Darfoer regio. Momenteel zijn er honderdduizenden mensen in acuut gevaar voor hongersnood. Velen die hun vernielde dorpen ontvlucht zijn worden nog nagejaagd tot over de grens met Tsjaad. Om zo mogelijk nog meer lijden te vermijden mag de Internationale Gemeenschap niet langer de andere kant op kijken.

Recente krantenkoppen kondigen een lang verwachte vredesovereenkomst af in Soedan. De drie protocols die in Naivasha, Kenya ondertekend werden op 26 mei 2004 door de regering en het Soedanees Bevrijdingsleger (Sudan People's Liberation Army, SPLA) is zeer zeker een mijlpaal op de weg naar het einde van deze decennia-lange burgeroorlog tussen Noord en Zuid die al het leven kostte aan zo'n twee miljoen mensen. Toch zijn verdere onderhandelingen onontbeerlijk om de noodzakelijke details voor een definitief, alles omvattend vredesakkoord uit te werken. Soedan is nog maar net op weg naar interne vrede en stabiliteit.

Nog belangrijker, dit vredesproces laat Darfoer, waar het respons van de regering op een afzonderlijke opstand extreem gewelddadig is geweest, buiten beschouwing. Hier hebben de Djandjaweed milities tienduizenden burgers afgeslacht, hun dorpen plat gebrand, systematische verkrachtingen gepleegd en anderhalf miljoen mensen dakloos achtergelaten.

Van deze groep zijn er zo'n 1.2 miljoen mensen gevlucht naar kampen in Soedan, waar de meesten onder hen langzaam omkomen van de honger of sterven aan ziektes. Bovendien zijn de kampen omgeven door Djandjaweed bewakers. Een ander deel kon vluchten naar buurland Tjsaad, toch zijn zij evenmin veilig voor de aanvallen van de milities.

Recente schattingen melden dat tussen nu en December 2004 minimum 350.000 mensen in levensgevaar zijn. Indien de barrieres voor hulpverlening niet volledig worden opgeheven door Karthoem en als de grensoverschrijdende raids van de Djandjaweed in Tsjaad een regionale oorlog aanwakkeren, zal de tol nog hoger zijn.

Geen overeenkomst in Naivasha zal leiden tot dergelijke situatie.

Wat deze nakende humanitaire ramp zal stoppen is snelle actie door de Internationale Gemeenschap. Samen met de voorbereiding van een massale hulpactie moet de wereld er voor zorgen dat het moorden stopt. De VN Veiligheidsraad moet een resolutie goedkeuren met de dreiging van een internationale militaire interventie als de regering in Khartoem niet snel genoeg actie onderneemt om de vaak gehoorde belofte van ontwapening en ontbinding van de Djandjaweed milities uit te voeren.

Sterker nog, indien Khartoem de beloftes die het heeft gedaan negeert, en dus nog steeds weigert om humanitaire hulp door te laten voor de vluchtelingen in Soedan, dan moeten de VN zelf deze hulp ter plaatse brengen.

In het kort, als de regering van Soedan  haar volk dus niet kan of niet wil beschermen tegen moord, etnische zuivering en hongersnood, dan moet de buitenwereld die verantwoordelijkheid opnemen.

Er is een verband tussen Naivasha (de vooruitgang om tot een definitieve overeenkomst te komen tussen de regering en de SPLA) en Darfoer, omdat deze onderhandelingen de Darfoer crisis buiten beschouwing laten verdwijnt er ook een excuus voor internationale inactie omtrent dit probleem.

Uit schrik om de regering in Khartoem te verontwaardigen tijdens de delicate vredesgesprekken in Naivasha stonden velen bij de VN, in Washington en in Europese hoofdsteden, gedurende maanden weigerachtig om druk uit te oefenen omtrent de 'killing fields' in Darfoer. Met name de V.S. en Groot-Britannie wilden de Khartoem/SPLA gesprekken naar buiten brengen als een success op buitenlands vlak. Daartoe kreeg de Naivasha deal prioriteit terwijl er niet voldoende robuust gereageerd werd op Darfoer. De Soedanese regering had dit door en stelde de gesprekken zo lang mogelijk uit.

Maar zelfs nu dat Khartoem talloze kansen heeft om de laatste etappe van de gesprekken tijdens de komende maanden te vertragen, dan nog geeft de ondertekening van de protocols met de SPLA een waterdichte mogelijkheid voor de leden van de Veiligheidsraad om hun aandacht te richten op Darfoer.

Het is hoogtijd voor de VN-Veiligheidsraad om 's werelds verantwoordelijkheid op te nemen bij een nakende ramp. Voor 1.5 miljoen mensen, bedreigd met hongersnood en dodelijke ziektes in de door de regering gecontroleerde kampen in Soedan en de vluchtelingen kampen in Tsjaad, moet een beslissing van de Veiligheidsraad om resoluut actie te ondernemen snel komen.

Subscribe to Crisis Group’s Email Updates

Receive the best source of conflict analysis right in your inbox.